Get into my kitchen!

Get into my kitchen!

About the blog

"Staatshervormingen, Israël, Darfoer... Ik wil er alles over weten. Maar als ik bloedeerlijk ben, praat ik het liefst over eten. Koken kalmeert mij én maakt mij euforisch. Vrienden krijgen tegen wil en dank advies over recepten die ze perfect beheersen. Mijn familie gaat stiekem naar het fastfoodrestaurant om een keertje 'normaal' te eten. Daarom deze uitlaatklep: recepten én zelfgemaakte foto's uit mijn keuken. Mijn hoogste doel? SMAAK!"

Wil je iets vragen? Stuur gerust een mailtje naar info@evelienkooktlekker.be

Artisjok deluxe

GroentenPosted by Evelien Rutten Thu, May 10, 2012 16:05:01

Nog geen twee weken geleden waren Steven en ik voor het eerst in twee jaar nog eens alleen op reis. Vier dagen Berlijn, zonder het kind. We hebben haar gemist, zeker wel, maar toch... Wat een magnifieke stad! En zo goedkoop dat het daar is! Voor 5 euro hebt ge een degelijk hoofdgerecht. Niet dat we weinig geld hebben opgedaan, oh nee. Zo'n Koreaanse noedelsoep is goed als ge om 8u naar de opera gaat (Tosca, in ons geval) en snel snel iets gegeten wilt hebben. Maar als er tijd is, tafelen we liever een beetje uitgebreider. Steven had zijn zinnen gezet op Florian, een restaurant dat tot in de New York Times was gerecenseerd. Met recht en reden, want het is daar dik in orde. Ze serveren hedendaagse gerechten die een beetje schipperen tussen Duits én Frans. Ik at er als voorgerecht een volledige artisjok. Het was lang geleden en ik had er nog eens zin in. Het werd een fantastische avond die eindigde met mij en Steven zielsgelukkig samen aan de toog van een bruine kroeg.

Voor een artisjok moet je de tijd nemen. Je krijgt een ondoordringbare groente op je bord die je blaadje na blaadje moet ontmantelen. Aan de onderkant van elk blaadje zit in een minieme, haast verborgen vlezige kant die je al zuigend moet opeten. De rest van het blaadje mag je weggooien. In combinatie met een zurige vinaigrette benadert deze groente in mijn ogen de perfectie. Het is een geweldig aperitiefhapje ook: je gasten zijn er wel even mee bezig en het vult nauwelijks, zodat er nog plaats is voor een voor- en hoofdgerecht. Wie volhoudt en alle blaadjes afpelt, wordt beloond met het verrukkelijke hart. Even het oneetbare 'stro' verwijderen en je kunt smullen van deze heerlijke delicatesse met subtiele nootsmaak. Nu de artisjok terug in mijn systeem zit, zie ik hem ook weer liggen in de supermarkt. Gisteren maakte ik een grote schaal groene groenten, waaronder twee artisjokken, groene asperges en boontjes. De vinaigrette was op basis van zelfgemaakte mayonaise, limoensap en kruiden. Verder heb je niet veel nodig. Buiten een enthousiaste tafelgenoot die er niet voor terugdeinst om net zoals jij met de handen te eten. Hoe sensueel is dat wel niet?!


Groene groentjes met limoendressing

Voor 2 personen
2 artisjokken, verwijder de stelen - 2 laurierblaadjes - enkele peperbolletjes - karwijzaad of komijnzaad - zout - een bosje groene asperges - een handvol groene boontjes
Voor de limoendressing: 1 eierdooier - 1 afgestreken eetlepel Dijon mosterd - 1 dl arachideolie - het sap van 1 limoen - een handvol verse kruiden (munt, peterselie en koriander - 1/4 Spaans pepertje, fijngesneden - 1/4 rode ui, fijngesneden - peper - zout - 1 theelepel piment d'espelette of paprikapoeder - 1 theelepel venkelzaad, gemalen

Zo maak je het
Doe de artisjokken in een grote pan water tot ze helemaal onderstaan. Voeg laurier, peperbolletjes, zout en karwijzaad toe. Laat ± 30 minuten koken (check met een keukenmesje of je in de onderkant kunt snijden, die moet mals zijn). Laat ze dan even uitlekken met de opening van de blaadjes naar beneden.
Schil de onderkant van de groene asperges en breek de harde uiteindes eraf. Kook ze beetgaar in zout water en spoel meteen overvloedig in koud water (om de mooie kleur te behouden). Maak de boontjes schoon en kook ze op dezelfde manier als de asperges. Alle groenten mogen lauw of afgekoeld zijn.
Maak de limoendressing. Roer de dooier los met de mosterd in een kommetje. Giet er al roerend de olie bij tot je een gebonden mayonaise hebt. Voeg alle andere ingrediënten toe. Serveer bij de groenten.




  • Comments(2)//www.evelienkooktlekker.be/#post192

Sferische olijven

Aperitief & hapjesPosted by Evelien Rutten Wed, May 09, 2012 10:04:00
U kijkt naar deze foto en denkt: olijf. Mis! Dit is namelijk geen échte olijf zoals u en ik hem kennen uit het potje. Het is het product van enkele uren poedertjes mengen en chemische baden maken. Mag ik u voorstellen: dit is een sferische olijf. Een wonderlijk staaltje van de moleculaire keuken. Wie erop bijt, moet zijn mond goed dicht houden want deze olijf is... vloeibaar!

Ik heb inmiddels mijn diploma kok gehaald in de avondschool, maar volg nog steeds les in de gespecialiseerde modules. Dit semester is dat "recepties en ontvangsten". Gisteren kregen we een gastles van Jamel Wauters, de grote autoriteit op het gebied van de moleculaire keuken. Hij heeft demonstraties gegeven aan alle grote en minder grote chefs van de Benelux, dus je kunt wel raden dat het interessant was. Persoonlijk stel ik me altijd wel vragen bij die vreemde poedertjes, texturen en wolken, maar het bestaat nu eenmaal. De grote hype is uiteraard al voorbij, maar net zoals bij de Nouvelle Cuisine zullen er hier ook elementen blijven voortbestaan op een iets realistischer niveau. Een paar maanden geleden interviewde ik Jean-Paul Perez, dé food-expert van Vlaanderen die zowat elk restaurant al heeft uitgeprobeerd. Ik vond zijn visie op de moleculaire keuken razend interessant. Een klein uittreksel uit het interview:

U gaat bijna dagelijks uit eten en heeft daardoor een goed zicht op de heersende trends in de restaurantwereld. Wat is u de laatste jaren opgevallen?

Perez: “We zitten momenteel op een keerpunt. Begin jaren ’90 kwam Ferran Adrià van El Bulli met een speels antwoord op de nouvelle cuisine. Smaken werden nog wel op een klassieke manier gecombineerd, maar hij ging spelen met temperatuur en textuur. Ik zal een eenvoudig voorbeeld geven. Hij voegde lucht toe aan een simpele mayonaise, die daardoor veel minder vettig en lomp werd. Dezelfde mayonaise, een totaal ander mondgevoel. Hij ging ook steeds verder in het creëren van een verrassingselement. Eten werd al snel een zintuiglijke totaalervaring. Uiteraard werd zijn visie gekopieerd. Denk maar aan Heston Blumenthal van The Fat Duck. Daar moest je op een bepaald moment tijdens het eten een hoofdtelefoon opzetten met de juiste muziek, enkel en alleen om in de best mogelijke sfeer te komen. Uiteindelijk ging het alleen nog maar om de techniek. Dat is nu wel een beetje voorbij.”

Was de moleculaire keuken enkel maar een hype?

Perez: “Persoonlijk denk ik dat je zo’n extreem technische fase nodig hebt om weer verder te evolueren. De meeste koks hebben ontzettend veel nieuwe technieken geleerd. Er zijn apparaten ontwikkeld waarmee je verbluffende resultaten bereikt. Denk maar aan de Thermomix: het is een keukenrobot die 12000 toeren per minuut draait, opwarmt, afkoelt… Je kunt er een gazpacho in maken die zo fijn gemalen is, dat je hem niet meer hoeft te zeven. Alle moleculen blijven bewaard, waardoor je het maximum aan smaak uit de tomaten kunt halen. De slimste, meest getalenteerde koks van het moment zijn nu technisch in staat om een ingrediënt echt te laten schitteren. Het show-element is van ondergeschikt belang. De koks die op dit moment nog steeds de techniek gebruiken omwille van de techniek, om te tonen wat ze allemaal kunnen, die zijn niet meer mee met de tijd.”



Toen de les begon, was ik aanvankelijk nogal sceptisch, maar de lesgever wist me toch te bezielen. We maakten enkele hapjes klaar die nog herkenbaar waren als écht eten, maar dan opgeleukt met enkele molecuaire foefjes. Wie zich wil wagen aan de sferische olijven, dit is het recept! De poedertjes worden tegenwoordig als pakket aangeboden in de gespecialiseerde kookwinkels. Je hebt ook een weegschaal nodig die tot op de gram weegt.

Sferische olijven in gemarineerde olijfolie

Dit heb je nodig
-200 g olijven met pekelwater (dus: weeg goed af! het hoopje olijven met een geut pekelwater moet samen 200 g wegen) -> geen olijven op olie!
- 4 g gluco (een mix van calciumzouten)
- 1 g xantana (gefermenteerd maïszetmeel)
- 1500 g Spa blauw (geen kraantjeswater, daar zit te veel kalk in)
- 7,5 g algin (product op basis van algen)
- 1/2 liter olijfolie
- smaakmakers: knoflook, rozemarijnblaadjes (zonder de tak!), tijmblaadjes (eveneens zonder de tak!), schil van citroen, limoen en sinaasappel

Zo maak je het
Maak eerst de gemarineerde olie. Verhit de olie lichtjes tot 50°C. Voeg de smaakmakers toe en haal van het vuur. Giet in een wekpot.
Mix de olijven met het pekelwater zo fijn mogelijk in de blender. Druk deze massa door een zeer fijne filter (in de les gebruikten we een micron zeef, oftewel oliefilter). Voeg eerst de gluco toe, mix goed. Voeg dan de xantana toe en mix opnieuw.
Maak het alginbad. Giet een deel van het water in de blender, zodat de messen nat zijn. Voeg dan de algin toe en mix kort. Voeg de rest van het water toe en laat mixen tot het water licht stroperig is.
Neem een klein maatlepeltje (zoals voor koffie) en schep er een beetje van het olijvensap in. Ga met het lepeltje naar het alginbad en draai het voorzichtig om, zodat het als een dikke druppel in het water valt. Draai het met een lepeltje nog enkele keren om en laat 3 minuten liggen. Deze druppel zal stollen in de vorm van een olijf: aan de buitenkant komt een gelatineus laagjes dat de vloeibare inhoud beschermt.
Schep het eruit met een kleine schuimspaan en dep de onderkant van de schuimspaan even af op een handdoek (er mag geen water meer kleven aan de olijf). Laat deze voorzichtig in de olie vallen. Je kunt ze op deze manier, in de koelkast, toch zeker enkele weken bewaren. Waarschuw je gasten wel dat ze hun mond dichthouden bij het eten van deze vloeibare olijf.

TIP: kies olijven die jij zelf lekker vindt!

  • Comments(3)//www.evelienkooktlekker.be/#post191

't Zilte (recensie)

Evelien gaat op restaurantPosted by Evelien Rutten Mon, May 07, 2012 15:46:49

(eerder verschenen in Het Nieuwsblad)

Fijn dat er nog ruimte is voor architecturale projecten zoals het MAS, het recent geopende prestigieuze Museum aan de Stroom. De baksteenrode toren is als een baken van cultuur in tijden waarin we meer dan ooit behoefte hebben aan schoonheid. Die filosofie is helemaal doorgetrokken tot op de bovenste verdieping. Het is de nieuwe locatie van ’t Zilte, het restaurant van Viki Geunes. In dat heiligdom der heiligheden, waar brede, melkglazen deuren in slow motion voor je opengaan, schrijd je binnen in wat het meest stijlvolle restaurant van België moet zijn. Over grijs, hoogpolig tapijt wordt je de weg gewezen naar een gepolijst houten tafeltje. We worden met een vriendelijke glimlach welkom geheten door elke ober die ons pad kruist. Wie geluk heeft, zit aan het raam en kan genieten van een uitzicht tot ver in de haven van Antwerpen. Mijn disgenote en ik krijgen een tafel naast een muur van wijnflessen op enkele meters van Viki Geunes zelf, die geconcentreerd de afwerking van de borden superviseert. De prijzen op de menukaart zijn niet mals, zeker als je opteert voor een menu met bijpassende wijnen. Wij zijn benieuwd naar de goedkoopste formule (€ 65, € 85 incl.wijn) en houden het dus bij de lunch in drie gangen. Dat lijkt me een faire deal in een restaurant met twee michelinsterren. Hou wel in je achterhoofd dat de prijzen voor champagne en koffie ook van sterrenniveau zijn.

Onmiddellijk nadat we onze keuze bekend hebben gemaakt, schiet de geoliede machine in gang. Voor we een slokje champagne kunnen nemen, verschijnen de eerste hapjes. Er wordt opgesomd wat het allemaal is (gefrituurde knolselder, akkerpaddestoelen, wasabi, zwarte knoflook…) en vergeten er meteen de helft van. Mijn vriendin en ik kijken elkaar aan en hopen allebei dat de ander alles goed heeft onthouden. “Wat waren die pareltjes nu alweer?” We proeven, we knoeien met het sinaasappelpoeder, proberen de tafel netjes te houden en krijgen meteen een paar nieuwe bordjes. Dat blijft zo enkele minuten duren, zodat we nog geen kwartier na onze binnenkomst al compleet in de war zijn over wat we nu juist allemaal gekregen hebben. Bij al die gels, poeders en bevreemdende texturen zou je eigenlijk een kleine handleiding moeten krijgen. Eén hapje bestaat makkelijk uit zes of zeven verschillende, niet altijd even herkenbare componenten. Het is vooral interessant, “lekker” is een woord dat niet in me opkomt. De lunchformule betekent bij ’t Zilte blijkbaar dat het rush rush moet gaan. We zijn nog niet bekomen van de hapjesparade, of daar verschijnt ons voorgerecht: “tonijn”. Dat klopt, ergens op het bord ligt een lepeltje tartaar van tonijn. Maar er is ook appel, selder, inktvis, boulgour en radijs, allemaal in verschillende texturen, geserveerd met een bouillon van dashi (gedroogde tonijn). Het is net alsof Geunes continu aan het afvinken is: bittertje? Check. Zuurtje? Check. Krokantje? Check. Elk ingrediënt op het bord draagt het stempel van gedreven vakmanschap, maar we missen toch een tikje harmonie in dit gerecht. Het geheel is niet altijd beter dan de som der delen.

Het hoofdgerecht is kalfslende. Op het bord liggen vier genereuze sneetjes kalfsfilet, volkomen homogeen à point gegaard. Dit is puur vakmanschap. We krijgen ook twee lepeltjes draadjesvlees, met een ravissante, nostalgische diepgang. De saus die erbij wordt geschonken is een neutrale natuurjus. De garnituren zijn een eigentijdse interpretatie van “groentenkrans” met blaadjes van spruit, pompoenzalf, paddestoelen en een transparante gel van parmezaan.

Het dessert is een schilderijtje van ananas en pinda. Geen verwarring mogelijk hier, mijn lepel vindt blindelings de weg langs de méringue, de mini-crème brûlée, de sorbet, de krokantjes van pinda en de ananasschuimpjes. Bij de koffie komt er nog een tweede zoete ronde: een kar met friandises. Je mag kiezen uit macarons, chocoladetaart, passievruchtbonbons, madeleines, en nog vele andere goud- en chocoladekleurige lekkernijen.

Geunes heeft een ijzersterke reputatie en wordt op handen gedragen. Terecht. Een bezoekje aan ’t Zilte is een opwindende belevenis die je niet snel zult vergeten. Je krijgt gerechten te zien die zo hun plaatsje zouden kunnen krijgen in het museum beneden. Maar voor mij is het soms iets te technisch (“kijk eens wat ik allemaal kan!”) en net dat tikkeltje te weinig yummie. Het oog wordt voor 100 procent verwend, maar de ziel heeft nog een petit creux.


3/5

Op het bord:

2 x champagne (€ 34)

1 x water (€ 6)

2 x koffie (€ 24)

2 x menu à € 85 (€ 170)

Totaal: € 234

’t Zilte

Hanzestedenplaats 5

2000 Antwerpen

Tel: 03/283 40 40

www.tzilte.be

Openingsuren: van di tot za van 12u-14u en van 19u-21u. Gesloten op zo en ma.

  • Comments(1)//www.evelienkooktlekker.be/#post190

Slow coffee

What's on my mindPosted by Evelien Rutten Fri, May 04, 2012 14:44:47

Er waren bedreigingen. Smeekbedes. Stille verwijten. Of ik dood was, misschien? Ziek? En of ik geen fatsoen meer had, zo maar van het toneel verdwijnen? Hoe durfde ik! Niet eens een verontschuldiging! Foei foei foei! En dies meer.

Wel. Hier ben ik weer. Ik neem aan dat iedereen gewoon doorging met leven, net zoals ikzelf. In de tussentijd werkte ik mezelf zo helegans te pletter dat er bijna sprake was van een haast trendy te noemen burn-out. Maar nu is de mist opgeklaard en klinkt er in de verte weer een echo van trompetgeschal. Een zweem van rust is wedergekeerd. En daarmee ook de zin om terug wat in de rondte te schrijven.

Wat heb ik al die tijd gedaan, vraagt u zich ongetwijfeld af.

Ik ga al bijna twee jaar wekelijks koken voor een Bekende Vlaming (zie Story). Verhalen dat ik hierover kan vertellen! Je staat drie uur in de keuken van de bv in kwestie te leuteren over hun huisdieren, hun reputaties en hun liedjesrepertoire. Je drinkt een glas cava of twee en begint te koken. De bv beseft dan dat je méér bent dan de riooljournalist waar hij/zij je aanvankelijk voor hield en begint opgelucht te vertellen. Sappige verhalen die jammer genoeg heel erg OFF THE RECORD zijn. Ik moet ook altijd heel erg de neiging onderdrukken om het toilet te gaan fotograferen. Ik ben er zeker van dat daar een markt voor is: de WC-BV-fans. Maar dat doe ik dus niet. Mijn rubriek is een vriendelijke rubriek waar geen messen in de rug worden gestoken. What happens in those kitchens, stays in those kitchens. Wie verlegen zit om anekdotes kan ik wel vertellen dat Nicole en Hugo mij zonder al te veel moeite aan het huilen brachten (ze hoefden niet eens de Pastorale te zingen), dat Jean-Marie Pfaff mij bloedernstig een Godin noemde en dat de dochter van Lien Willaert een verdomd moeilijke eter is. Voor de rest verwijs ik u door naar de wachtkamer van uw tandarts/huisarts (want zelf koopt u 'die boekskes' natuurlijk nooit).

Sinds vorige zomer recenseer ik ook wekelijks een restaurant in Het Nieuwsblad (weekend). De beste job ter wereld, niet? Helaas lig ik er ook wel wat van wakker. En dan heb ik het niet eens over maagzuur of indigestie. Soms is een restaurant niet zo goed, of zelfs slecht. Het uitschrijven van zo'n recensie gaat gepaard met een eindeloos wikken en wegen van woorden. Je stelt jezelf continu in vraag: wie ben ik om dit te schrijven? Je moet vertrouwen hebben in je eigen kunnen en je instincten. Het blijft afschuwelijk om mails te krijgen van verbouwereerde chefs. De kleinste vorm van kritiek (hoe zorgvuldig je het ook formuleerde) komt bij hen aan als een rechtstreekse aanval op hun restaurant. Gelukkig kom ik ook vaak in héél goede restaurants en dan is het makkelijk. Voortaan zal ik op deze blog af en toe zo’n recensie posten. Alleen de leuke, dat spreekt.

Verder kook ik nog wekelijks voor Flair en maak ik fijne reportages voor Het Nieuwsblad Magazine. Morgen kun je bijvoorbeeld lezen hoe ik van mijn ivoren toren moest komen en twee weken moest koken met producten van de Aldi en co. Geen makkelijke taak voor een foodsnob als ikzelf. Maar wie had kunnen denken dat een diepvrieskreeft van Lidl zo veel potentieel had? Ik beloof dat ik na publicatie enkele recepten zal posten.

Vorig jaar werd Goedele jammer maar helaas stopgezet. Ik mocht er de meest waanzinnige reportages voor maken. Nooit eerder zo veel stress gehad voor een blad, maar toch mis ik de opwinding, het avontuur, de waanzin.

En voor de rest? Steven en ik zijn bijna twee jaar getrouwd, Hera is een kokette peuter die in september naar de kleuterschool gaat en eind deze maand verhuizen we van ons appartement in Antwerpen naar een prachtig huis in Hemiksem. Een beetje the end of the world, maar Steven krijgt nu eindelijk zijn eigen bibliotheek en ik een eigen werkkamer én een joekel van een keuken met terras en tuin. Over die avonturen hoop ik u snel terug te berichten. In de tussentijd heb ik mijn Nespresso-cupjes even aan de kant geschoven en ben ik voor enkele dagen –een test- terug overgeschakeld op filterkoffie. Ik kreeg deze leuke kan met porseleinen filterhouder als persbericht en kon niet wachten om het uit te testen. Vorig jaar interviewde ik een barista en zij vertelde dat dit de nieuwe trend zou worden: slow coffee. Terug tijd nemen om water te koken en het koffiegruis langzaam te overgieten. Het aroma brengt me terug naar de tijd dat ik nog thuis woonde bij mijn ouders. Elke avond werd er koffie gezet door mijn moeder. Als ik klaar was met studeren en van mijn kamer naar beneden kwam, rook ik de koffie al als ik bij de trap kwam. Nooit gedacht dat ik dàt gevoel ooit zo erg zou gaan missen… Nu heb ik zelf een dochter die natuurlijk nog veel te klein is voor koffie, maar ze houdt wel al van de geur. Het is een begin.

Tot snel.

  • Comments(8)//www.evelienkooktlekker.be/#post189

Kipspiesjes met satésaus

Aperitief & hapjesPosted by Evelien Rutten Mon, December 20, 2010 22:17:04

Wij zijn nogal zot van Kerstmis, mijn man en ik. Het duurt nog vijf dagen voor het officieel zo ver is, maar as we speak speelt er hier op de achtergrond al één van de playlists die Steven elk jaar opnieuw samenstelt. Met Kerstmuziek dus. De Duitse houten 'rauchermänner'-beeldjes blazen hun wierookjes uit en de lichtjes van de kerstboom fonkelen de hele dag door. We drinken zware rode wijnen en discussiëren urenlang over de cadeautjes die we gaan kopen. We veranderen honderd keer van mening, want "het moet wel kloppen hè". Morgen moet ik zwezeriken bestellen (voor de avontuurlijke kant van de familie) en een kalfsgebraad (voor de meer traditionele eters). En de hapjes! Man! Daar heb ik met mijn schoonmoeder al dagen over vergaderd. Ze haalde al haar fingerfood-kommetjes uit de kast (ovaal, vierkant, rechthoekig, rond, stervormig, kommetjes, ...) met de vraag: wat doen we en waarin serveren we het. Na vele uren brainstormen zijn we twee weken geleden tot de volgende conclusie gekomen: een gegrilde tijgergarnaal, een stuk foie gras met kweeperengelei, carpaccio, een krokant gebakken stukje zwezerik en een kreeftensoepje. Voor elk wat wils dus.

Mocht je zelf nog op zoek zijn naar receptjes voor lekkere hapjes, dan moet je dit zeker eens proberen. Onlangs maakte ik voor een tijdschrift kipspiesjes met satésaus. Ik had nog nooit satésaus gemaakt en improviseerde er op los. Iets met pindakaas, kokosmelk en currypasta leek me wel lekker. En lekker was het. Zo yummie dat ik nu al weet dat het ten huize Rutten-Van Ammel een klassieker gaat worden. Het is waanzinnig snel klaar en een ongelooflijke crowd pleaser. Wie mij niet gelooft, ga het maar vragen aan de babysit die de restjes heeft opgegeten en nu elke avond aan de telefoon hangt met de vraag wanneer ze alstublieft mag terugkomen.

Voor 4 personen
4 eetlepels pindakaas - ± 1 dl kokosmelk - 3 eetlepels rode currypasta (kant-en-klaar) - 4 kipfilets, in repen - sojasaus - honing - sesamzaadjes

Zo maak je het
Doe de pindakaas in een steelpan met de kokosmelk en de currypasta. Roer, en verwarm een beetje. Proef of het lekker is en voeg eventueel meer kokosmelk of currypasta toe. Ik heb het ook op gevoel gemaakt. De hoeveelheden zijn eerder summiere aanwijzingen.
Marineer de repen kipfilet twintig minuten in een flinke scheut sojasaus en enkele eetlepels honing. Rijg ze dan aan spiesjes en leg ze naast elkaar in een ovenschaal. Zet 12 minuten in een op 180°C voorverwarmde oven. Bestrooi daarna met sesamzaadjes en serveer met de pindasaus.

  • Comments(29)//www.evelienkooktlekker.be/#post188

Indonesische spekkoek

ZoetPosted by Evelien Rutten Sun, November 28, 2010 20:51:13

U neemt geregeld een kijkje op deze blog. Voor de recepten. De ideeën. De indrukken uit andermans keuken. En natuurlijk ook om meer te lezen over de spannende strapatsen van Evelien. Toch blijft u altijd een beetje op uw honger zitten. Natuurlijk is die nieuwe receptuur voor kip op Andalousische wijze mooi meegenomen, maar u wil meer. U wil weten hoe het voelt te leven met zo'n culinair talent in huis. Beste lezer, met deze gastbijdrage hoop ik - Eveliens man- uw nieuwsgierigheid enigszins te stillen.

Het is, laat ik het maar meteen bekennen, fantastisch. De voorbije jaren heb ik me een weg gegeten door de hele wereldkeuken. Wie droomt er nog van verre reizen als je vrouw de ene avond een volledig Mexicaans feestmaal aanricht en je de volgende avond verrast met "een nieuw tandoori receptje dat geprobeerd moest worden"?

U denkt nu bij uzelf: "Zo'n lofuitingen op de blog van zijn eigen vrouw, wat komt die mens tekort?" En u hebt gelijk, meer dan u zou durven vermoeden. We kunnen echt spreken van een tekort. Er zijn namelijk een aantal dingen die m'n teerbeminde niet wil koken. Bloedworst, tong, lever, hersenen: ik hoef er bij de slager nog maar naar te wijzen of Evelien rent gillend richting groententoog. Een soortgelijk scenario herhaalt zich bij de visboer. Ik heb me nog maar net door het woord cocquilles-saint-jacques geworsteld of Evelien heeft al een pond kabeljauw afgerekend.

Op de lijst verboden recepten stond voor kort ook Indonesische spekkoek. Wellicht had de arme cake z'n lot te danken aan de naam (een cake met spek in de naam belooft niet veel goeds, dat geef ik grif toe) en aan de welhaast dodelijke hoeveelheid boter en eieren. Light it is not. Wat het wel is, is heerlijk. En kruidig. En (wat wil je met al die boter) smeuïg.

Om Evelien te overtuigen schortte ik vandaag dan maar zelf de kokstenue om. Het recept is vrij eenvoudig maar tijdrovend. Laat dit je niet weerhouden. Niemand weerstaat de volle smaak (en geur!) van kaneel, anijs en kardemom. Ook Evelien niet. Ze is inmiddels verslaafd aan spekkoek. Het gaat erin als, euhm, boter.

Voor een grote spekkoek
400 g boter - 2 zakjes vanillesuiker - 250 g suiker - 10 eieren - een snufje zout - 8 theelepels kaneelpoeder - 4 theelepels gemalen anijszaadjes - 3 theelepels gemalen kruidnagel - 2 theelepels gemalen nootmuskaat - 2 theelepels gemalen kardemom

Zo maak je het
1) Mix de boter met de vanillesuiker en de suiker tot een romige massa. Doe dit liefst met een keukenrobot en gebruik de K-klopper.

2) Splits de eieren. Voeg één voor één, terwijl de mixer blijft draaien, de eidooiers toe aan de botermassa.

3) Klop de eiwitten stijf en schep ze voorzichtig door de boter-eidooiermassa.

4) Zeef 100 g bloem (niet zelfrijzend!) en spatel ze voorzichtig door het beslag.
Verdeel het beslag nu in 2 gelijke porties.

5) Voeg aan één portie de specerijen toe. Dit deel van het beslag zal bruin kleuren.

6) Beboter een niet te groot bakblik (wij gebruikten een brownievorm) en schep hierin een dunne laag (enkele milimeters) van het witte beslag. Strijk min of meer glad met een spatel. Hoe kleiner het bakblik, hoe meer laagjes je kunt maken. Wij kwamen tot 9.

7) Zet het bakblik enkele minuten (2 à 3) onder een hete gril. Blijf erbij staan. Het beslag moet garen maar niet kleuren!

8) Haal het bakblik met twee ovenwanten uit de oven en schep bovenop de eerste laag een laagje van het bruine beslag. Strijk opnieuw min of meer glad.

9) Zet het bakblik opnieuw 2 à 3 minuten onder de hete gril.

10) Blijf zo verdergaan totdat je al het deeg hebt opgewerkt in laagjes.

11) Laat de volledige cake 5 minuten afkoelen in het bakblik en haal ze er dan voorzichtig uit. Als je de cake aansnijdt, zie je allemaal laagjes, vandaar de naam: spekkoek. Verder heeft het niets te maken met spek.

12) Het is de bedoeling dat je er dunne plakjes van snijdt. Het is te machtig om als een soort brownie te serveren.

  • Comments(7)//www.evelienkooktlekker.be/#post187

Spicy nuts

Aperitief & hapjesPosted by Evelien Rutten Sat, November 27, 2010 14:01:03
As we speak is mijn man boodschappen aan het doen voor zijn befaamde "spekkoek". Een Indonesisch dessert (kent u veel Indonesische desserts? Nee? Dacht ik al) waar hij al twee jaar met een glazige blik naar refereert. Die spekkoek klinkt zo goor dat ik 'm zelf nog niet eens in mijn zevende leven zou maken, maar vandaag is de dag aangebroken dat ik 'm zal voorgeschoteld krijgen. Ik hou u op de hoogte.

Om heel eerlijk te zijn ben ik niet zo'n zoetebek. Pas op, zet een chocoladecake in mijn buurt en het hek is van de dam, maar als ik voor de rest van mijn leven moest kiezen tussen zoet en zout, wist ik het wel. Als kind al droomde ik over een wereld die volledig uit chips bestond, zodat ik maar mijn tong moest uitsteken om altijd en overal die zalig zilte krokantigheid te ervaren. In mijn -ahum- jeugd, waren er twee variëteiten: zout en paprika. Ik lustte ze allebei even graag. In de late jaren '80 werd het aanbod wat groter, met exotische smaken als bolognaise, milanese en pickles. Ook rare vormpjes als hula hoops en ringlings deden hun intrede. Tegenwoordig is het aanbod helemaal ontploft met smaakjes als "Spicy Asia", "Sour cream & chives" en "Black pepper". Helaas voor de creatieve marketingmensen... Na tien blaadjes van elke nieuwe chips verlang ik weer naar mijn all time favorite: geribbelde paprikachips van Lays (vroeger Smiths). Niet dat ik vaak chips eet, maar af en toe moet het gewoon weer even. En dan is het van de baan voor een maand of twee, drie.

In de tussentijd probeer ik een beetje verstandiger te snacken. Noten bijvoorbeeld. Ze zijn goed voor je hersenen en zo. Maar mijn God, wat zijn ze saai. Onlangs vond ik een manier om een pak ordinaire studentenhaver een boost te geven van wel heb je me daar. Het resultaat was hoogst verslavend! Het principe is eenvoudig: je bakt de noten in een pan met een paar kruiden (ik koos voor rozemarijn, kaneel, komijn en chili) en wat suiker. De suiker gaat lichtjes karameliseren, waardoor de andere kruiden aan de noten blijven 'plakken'. Je krijgt dan een licht pikante, kruidige noot met een beetje plakkerig zoete ondertoon. Jongens toch, als je dit op tafel zet voor je gasten, willen ze blijven slapen en nooit meer naar huis gaan. Het allerleukste aan dit recept? Het is klaar in 3 minuten!

Voor 4 personen
± 4 handen gemengde noten (NIET geroosterd of gezouten!) - olijfolie - een tak rozemarijn - 1 theelepel komijnpoeder - 1 theelepel kaneelpoeder - 1/2 theelepel chilipoeder - 2 eetlepels lichtbruine suiker (kinnekessuiker) - zwarte peper uit de molen - fleur de sel

Zo maak je het
Verhit een scheutje olijfolie in een braadpan. Voeg de zeer fijngesneden rozemarijn toe en laat eventjes aanbakken. Voeg dan de komijn, kaneel en chili toe. Roer goed en doe dan de noten in de pan met de suiker. Roer goed en laat enkele minuten heet worden, zodat de suiker lichtjes kan smelten. Breng dan op smaak met peper en zout. Het lekkerst zijn de noten warm, maar je kunt ze ook op voorhand maken.

TIP: je kunt om het even welke kruidenmengeling proberen, maar persoonlijk hou ik erg van deze mix.

  • Comments(2)//www.evelienkooktlekker.be/#post186

Evelien goes Colmar

Evelien gaat op restaurantPosted by Evelien Rutten Wed, November 10, 2010 15:52:02

Wij waren thuis met vier kinderen. Het waren de vroege jaren '80 en het woord "tweeverdieners" moest nog worden uitgevonden. De wereld van fine dining was op z'n zachtst gezegd science fiction voor mij. Niet dat we nooit buitenshuis aten. Af en toe kregen we een braadworst op de markt en minstens één keer per maand gingen we met z'n allen naar Shopping 1 in Genk. Daar was het zogenaamde "Sarma-restaurant" gevestigd, nu beter bekend als Lunch Garden. Mijn vader had er zelfs een klantenkaart. Daarnaast kon je ons geregeld vinden bij O Geros Tou Morya, een Grieks frituur-eethuis waar ik mijn eerste souvlaki naar binnen smikkelde. Maar hét hoogtepunt van verfijning was toch de Chinees in Zutendaal. Daar gingen we naartoe als er iets te vieren viel, zoals een diploma notenleer.

Mooie herinneringen.

Ze kwamen allemaal weer naar boven toen ik deze middag over de A12 reed, van Brussel naar Antwerpen. Vanuit de verte zag ik het bord "COLMAR" opdoemen. Het was iets na 12u en mijn bioritme duwde het knopje 'honger' in. De gedachte aan goede, simpele Vlaamse kost gaf de doorslag. Ik hou ergens wel van dat soort etablissementen, waar ik mijn jeugd opnieuw beleef. Impulsief maakte ik ter hoogte van Ikea een U-turn. Terwijl ik de parking opreed, besefte ik dat ik nog nooit bij een Colmar heb gegeten. "Het zal wel zoiets zijn als Lunch Garden," dacht ik bij mezelf. Ik opende de deur en was meteen gedesoriënteerd. Waar waren de grote stapels dienbladen? De aanschuifzone? De karretjes met slordig gestapelde vuil servies? Ik stond aan de grond genageld en had geen flauw idee wat er van mij verwacht werd. Gaan zitten? Aanschuiven? In het midden van de ruimte stond een groot saladebuffet, een dessertenbuffet en een drankautomaat. Terwijl ik bedremmeld rondkeek, zag ik een serveerster aan een tafel staan. "Aha!" Toen pas begreep ik dat Colmar zowaar een écht restaurant is, waar je aan tafel bediend wordt. Dat was nu ook weer niet de bedoeling, maar ik was er nu toch. Ik nam plaats aan een tafeltje voor twee en nog voor ik goed en wel mijn jas had uitgedaan, stond de vriendelijke jongedame voor mijn neus.
"Weet u het al?"
"Euh, nee?"
"Kent u het systeem?"
"Het systeem? Neen, dat ken ik niet."
(...)
"Oke. Kijk. Hier op de placemat zie je de drie mogelijkheden..."
Ik luisterde aandachtig en bleef lang en geconcentreerd naar de papieren placemat staren. De jongedame gaf me zowaar 5 seconden bedenktijd.
"Weet u het nu al?"
Ik koos voor de simpelste formule: voorgerecht en hoofdgerecht + drank (19 euro).
Colmar is als het ware een kruising tussen een zelfbedieningsrestaurant en een echt restaurant. De voorgerechten moet je zelf gaan opscheppen, het hoofdgerecht wordt aan tafel geserveerd. Ik wandelde met mijn bordje naar het buffet en voelde het trouwfeestsyndroom opkomen: veel te veel opscheppen in één keer. Het werd een bizarre combinatie van koolsla, kippenreepjes, sla met spekjes, een pakje ham, een beetje pastasla, een half ei en cocktailsaus. Voor de gezondheid afgewerkt met een lepeltje rozijnen en pompoenpitten. Allemaal vers en lekker. Niets op aan te merken. Niks uit een potje. Na een beleefd "Gaat u nog eens terug?" werd mijn bord propertjes weggenomen. Niet lang daarna verscheen het hoofdgerecht. Ik knipperde eens met mijn ogen. Wat the fuck? Ik had het lichtst klinkende gerecht op de kaart besteld -een zalmfilet en croûte- en kreeg een bord met de meeste calorieën ever. De zalmfilet was gebakken in bladerdeeg en zwom in een vijver van béarnaise. Daarnaast lag een slaatje dat overgoten was met een romige dressing. Verder een grote aardappel uit de oven, gevuld met roomkaas. Mijn knoop sprong al spontaan van mijn broek gewoon door ernaar te kijken. Ik was binnengestapt met een nostalgisch verlangen naar vol-au-vent, ballekes in tomatensaus en kip-curry. In de plaats kreeg ik een schotel die te chic is voor een wegrestaurant en niet chic genoeg voor een gewoon restaurant. Ik at de helft op en dronk er een cola light bij voor de vertering.

Conclusie?
Bij Colmar krijg je waar voor je geld. De porties zijn erg ruim (iets te, naar mijn smaak) en alles is versgemaakt. Je hebt zeker geen gaarkeukengevoel zoals bij Lunch Garden. Misschien is er iets te weinig keuze in de hoofdgerechten (± 5).

  • Comments(2)//www.evelienkooktlekker.be/#post185
« PreviousNext »